MariaGoos-foto-Mieke-Meesen
interviews n.a.v. DOEK!
Interview met Maria Goos, Peter Blok en Loes Luca over DOEK! gepubliceerd in de Volkskrant op 27 augustus 2010

‘Wij zijn royaal voor de mensen’


Waar ligt de grens tussen kunst en entertainment - het is een van de vragen die Maria Goos stelt in haar nieuwe stuk DOEK!, dat wordt gespeeld door Loes Luca en Peter Blok. 'Ik had me nogal verheugd op pruiken, brillen, snorren.'

door Hein Janssen

Als toneelspelers het hebben over 'jongejannen', hebben ze het over het spelen van meerdere rollen door een en dezelfde acteur. Vaak wordt er gejongejand in het komische genre, want voor het publiek is het leuk als een acteur de ene keer met pet de conducteur speelt, dan met snor de politieman en vervolgens in een jurk de buurvrouw.
De term is ontleend aan het toneelstuk De brand in de]ongejan van Herman Heijermans uit 1903. Hierin speelde de destijds beroemde acteur Henri de Vries maar liefst zeven rollen, waaronder die van schilder, veldwachter, herbergier en buurman. Overigens in een tamelijk serieus rechtbankdrama.
Het jongejannen is een beetje uit de mode geraakt, maar Loes Luca en Peter Blok gaan het binnenkort doen in DOEK!, het nieuwe toneelstuk van Maria Goos. Zij het in bescheiden mate: aanvankelijk had Goos vier rollen per acteur bedacht, maar dat zijn er uiteindelijk drie geworden.
DOEK! is een stuk voor twee acteurs die toneelspelers spelen, die samen een toneelstuk spelen. Dat klinkt ingewikkeld, en dat is het ook, maar gaandeweg de voorstelling wordt
helder wie wat is, en doet, en waarom. Het is een theatrale puzzel, met een ingenieuze structuur die Blok en Luca de kans geeft andere kanten van hun talent te laten zien, en het publiek in staat stelt flink mee te puzzelen.
Voor Goos is het een nogal opmerkelijke toneeltekst. Na grote ensemblestukken als Familie, Cloaca en zeker ook De Familie Avenier (vier delen, acht uur, twaalf personages) is DOEK! een intiem stuk, een kamerspel bijna. Soms doet het denken aan Ed-ward Albee's Who's afraid of Virgínia Woolf, af en toe ook aan Pinters De Minnaar. En een beetje aan Art van Yasmina Reza, over de vraag wat kunst is en wat niet. Luca en Blok spelen een stel dat nogal met elkaar overhoop ligt, en iets bedenkt om daar uit te komen. Maar ze spelen ook de acteurs die die rollen vertolken (een stuk in een stuk dus), elkaar ruim tien jaar niet hebben gezien, nu weer samen de planken op moeten en herinneringen ophalen.
Goos, Blok en Luca vertellen over het stuk. Goos: 'Ik wilde inderdaad graag een Virgínia Woolf-achtig stuk schrijven, daar is het mee begonnen. Het moest ook overzichtelijk zijn, juist als reactie op die gecompliceerde structuur van De Familie Avenier
waarin ik twaalf Brabantse levens met elkaar moest zien te verweven. En ik wilde weer eens iets schrijven voor Loes en Peter, met wie ik eerder Draaikonten, Krambamboelie en Lieve Mensen heb gemaakt. Loes en Peter vinden het leuk om meerdere rollen te spelen, maar er moest wel een serieuze kant in. Gaandeweg het schrijven vond ik dat het ook verstild moest zijn. Zeker voor Loes, want verstilling is niet haar eerste impuls, haar voorkeur ligt meer bij de gek-kigheid.'

En dan moest het ook nog over de toneelwereld gaan?
Goos: 'Ja, ik wilde al langer een stuk maken over de toneelwereld.'

Waarom?
Goos: 'Ik vind dat er in de toneelwereld doorgaans leuke mensen rondlopen.'
Peter Blok (al dertig jaar Goos' man): 'Ik ben twee jaar op tournee geweest met De Familie Avenier en dan kom je thuis met allerlei anekdotes uit de kleedkamer en de spelersbus. Verhalen waarop Maria wel eens jaloers kan zijn. Ach, de achterkant van het vak, als de mensen dat toch eens allemaal wisten - zo'n soort reactie kwam er dan.'

Maar de toneelwereld is toch ook haat & nijd, en ijdelheid, en oppervlakkigheid - hoor je wel eens? Goos: 'Ja, en ook dat toneel ellebo-genwerk is. Ik haat het als mensen dat zeggen. Ik ken geen leukere wereld dan die van het toneel. Maar er zit ook een treurige kant aan. Het is een tijdlang heel erg close, en zonder gêne, maar als de voorstelling is uitgespeeld, valt alles meestal uit elkaar, is het weg.'

Hoofdpersonen in DOEK! zijn Lies en Richard, twee toneelcollega's die samen een Amerikaans stuk instuderen waarin Kate en David met hun relatiecrisis de hoofdpersonen zijn. In het stuk zitten allerhande bespiegelingen over het toneelvak, over wat kunst is en wat entertainment, maar uiteindelijk gaat het vooral over de liefde. Over wat echt is in de liefde, en wat onecht.
Ook dat is een thema dat Goos bezighoudt. Goos: 'Niet kiezen voor de grote passie en een meeslepend leven - dat is niet iets wat kunstenaars graag uitdragen. In de literatuur en het toneel gaat het bijna altijd over de grote Romeo&Julia-liefde, de compromisloze, tegen-de-klippen-op-liefde. Maar waarom is het kiezen voor de huis-tuin-en-keuken-liefde, voor betrouwbaarheid, voor de rust in een relatie, minder? Misschien is er wel net zo veel moed voor nodig om veertig jaar bij iemand te blijven als in het begin van je leven te kiezen voor groots en meeslepend.'
Blok: 'Misschien is het ene wel romantiek en het andere liefde.'
In DOEK! gaan de personages een verbale strijd aan, deels met venijn, deels met relativerende humor. De jaloezie. De drank. De onzekerheid. De aandacht. Het zit er allemaal in, waarbij de twee acteurs voortdurend schakelen van heden naar verleden, van de een naar de ander, van euforie naar bezinning.
Luca: 'Het is een puzzel. We zijn iets aan het spelen waarvan je in het begin voelt dat de mensen denken: Hè, moeten we hier de hele avond naar kijken. En dan verkneukel ik mij op het moment waarop de omslag komt. Eerst zaten er meer personages in, maar tijdens de repetities heeft regisseur Aat Ceelen die er uitgehaald.'

Dat vind je jammer, neem ik aan?
Luca: 'Ik was teleurgesteld, ja, in eerste instantie. Ik had me namelijk nogal verheugd op pruiken, brillen, snorren. Maar Aat heeft het allemaal gefileerd en uitgekleed, en achteraf zijn we daar erg blij mee.'

En was de schrijfster daar ook blij mee?
Goos: 'Niet echt. Het gebeurde allemaal in het repetitielokaal waar ik niet bij was. Ik had dus het gevoel voortdurend achter de feiten aan te lopen. Peter fungeerde daarbij als een soort intermediair tussen de repetities en mij. Die kwam dan 's avonds thuis om te vertellen dat die en die scène was geschrapt. En moest dan vervolgens mijn teleurstelling verwerken.'
Luca: 'Peter heeft vaak in een spagaat gelegen tussen regisseur en schrijfster. Maar Peter woont nu eenmaal bij de baas.'
Goos: 'Uiteindelijk is het goed gekomen. Ik ben trots op dit stuk omdat voor het eerst de structuur helemaal klopt. Maar de volgende keer wil ik er eens in de week bij zijn.'

De voorstelling zelf is heel kaal: op toneel staan alleen een bank en een tafeltje. Is dat een kwestie van te weinig budget?
Luca: 'Die bank kostte vijftig euro op Marktplaats en het tafeltje is geleend van theater Lantaren/Venster in Rotterdam waar we gerepeteerd hebben. Dat heeft niets met gebrek aan
geld te maken, maar met: hoe kaler hoe beter. We hadden eerst een achterdoek bedacht waarop de achterkant van een theater geschilderd zou worden, ter illustratie. Maar het was niet nodig.'
Blok: 'We hadden ook een kledingrek in gedachten, en zo'n grote groene varen om een hotel-lobby de suggereren. Maar uitgaande van het kale en schematische van het stuk, bleek dat overbodig. Het bleek dat we geen varen nodig hebben.'
Goos: 'Ik voel trouwens steeds meer voor kaalheid. Tafeltje-theepot, zoals in Smoeder.'

Een afgeleid, maar belangrijk onderwerp in DOEK! is de scheiding tussen wat echte kunst is en wat entertainment, en de hokjes die daarbij passen. Goos, Luca en Blok lijken zelf nergens bij te horen, en zijn wat dat betreft tamelijk ongrijpbaar.
Luca: 'Ongrijpbaar? Heerlijk, houden zo!'
Goos: 'Is het één meer waard dan het ander? - dat is het thema van DOEK! en daarin past ook de discussie over kunst en entertainment.'
Luca: 'Ik vraag me trouwens af of die scheiding tegenwoordig nog steeds zo groot is. Zelf kies ik altijd voor wat ik leuk vind. Of dat nou bij
Ivo van Hove is of bij Joop van den Ende, bij wijze van spreken. Na Orka-ter ben ik nooit meer voor een gezelschap gevraagd. Niet erg, werk genoeg. En als het er niet is, verzin ik zelf wel wat.'

Maar is er qua imago een verschil tussen de acteur Hans Kesting die bij het gesubsidieerde kunsttoneel werkt, of de freelancer Peter Blok die doet waar hij zin in heeft? Blok: 'Ik heb die keuze nooit hoeven maken, want ook ik word niet gevraagd voor een gezelschap. En mijn vrijheid is me ook wat waard. Ik hou van het laagdrempelige en van het elitaire, en heb zo'n beetje de kans dat zelf in te richten. Vóór DOEK! heb ik Blasted gedaan van Sarah Kane, in De Toneelschuur, met mensen die ik niet kende. Heel heftig, met ogen uitsteken, mensen eten, verkrachting. Op de eerste repetitiedag lag ik al naakt op de vloer. Ja, soms heb ik de behoefte om kunst te maken. Daarom was Blasted voor mij een zegen.'
Goos: 'Wat is die behoefte dan precies?'
Blok: 'De behoefte om het even alleen om mij te laten draaien en even juist niet om de voorstelling, of het publiek. Even in het centrum van mijn eigen speeldrift staan.'
Luca: 'Ik heb niet zo de behoefte me te bewijzen. In DOEK! doe ik iets wat men niet van me gewend is, ik ben op toneel namelijk nog nooit zo rustig geweest. Elektra, dat ik lang geleden bij het Ro Theater heb gedaan, was voor mij het meest extreem. Toen kreeg ik reacties in de trant van: ach jij, wat moet jij nou met Elektra! Er zullen genoeg actrices zijn die een betere Elektra spelen dan ik, maar die van mij was royaal naar het publiek, open en direct, zoals ik graag speel.'
Goos: 'Ja, wij zijn alle drie wel royaal voor de mensen, wij willen het publiek graag iets geven. Waar wij niet van houden is naar binnen gericht theater, theater dat op de eerste plaats interessant is voor de makers. Wij vinden het leuk voor een zo gemêleerd mogelijk publiek te spelen. Bij Avenier kwamen mensen naar de schouwburg die er anders nooit kwamen, naast het echte toneelpubliek en de collega's uit het vak. Het allermooiste van toneel is die actuele beleving in de zaal. Want de mensen beleven niet alleen wat op het podium gebeurt, maar ze beleven ook elkaar.
Als iedereen van dezelfde soort is, vind ik het minder interessant, dan is het een bevestiging van wat we al weten.'

Stel: je krijgt een opdracht voor een nieuw toneelstuk. Schrijf je dat dan liever voor Ivo van Hove of voor Joop van den Ende?
Goos: 'Tja… het liefst een combinatie van beide. Als het voor Toneelgroep Amsterdam is, zou ik emotioneler schrijven zodat ook het publiek er emotioneel meer aan beleven kan. Voor Joop zou ik smaakvoller schrijven, minder hapklaar, zeg maar. In die zin ben ik als schrijfster helemaal gevormd door het Werkteater. Het was voor mij een openbaring dat ze daar gewone mensentaal spraken, dat je het invoelend vermogen van de mensen zo direct kon aanspreken. Toen ik daar destijds in die tent zat, wist ik: zo wil ik het ook.'

Jullie zijn entertainers op niveau, mag ik het zo omschrijven?
Goos: 'Alle acteurs die ik ken, zijn entertainers. Ik ken niemand die naar de toneelschool is gegaan met de grote ambitie om Shakespeare te spelen. Ze gaan allemaal omdat ze mensen willen vermaken, en daar zelf ook nog een beetje lol aan willen beleven. Al dat andere - status, imago - komt er later bij.'
Blok: 'Iedere serieuze acteur die in de schouwburg het wereldrepertoire speelt, zou om het jaar op De Parade moeten staan. Gewoon als prikkel. Om te ervaren dat er ook een acteurswereld bestaat waarin je zelfde banken voor het publiek klaar zet, en je eigen kledingrek meeneemt. En dat je niet kunt volstaan met het iedere morgen om elf uur beleefd groeten van de portier van de schouwburg.'

Dus Loes Luca benijdt niet de status van een kunstactrice als Chris Niet-velt?
Luca: 'Ik vind haar geweldig, maar ik denk dat zij mij net zo benijdt als ik haar. Namelijk niet.'

DOEK! van Maria Goos gaat op 3 oktober in première in de Stadsschouwburg Haarlem; mariagoos.nl.

Loes Luca en Peter Blok zijn vanaf april 2011 ook samen te zien in Augustus: Oklahoma van Tracy Letts door De Utrechtse Spelen.


→ DOEK!