MariaGoos-foto-Mieke-Meesen
PETE THE PERVERT (nr 2)
Dat we in Amerika waren. Dat we in een gehuurde Chevrolet langs de Stille Oceaan hebben gereden. Dat we zeeolifanten op het strand hebben zien liggen en dat we door de woestijn hebben gereden en nog nooit zoveel lucht hebben gezien. En dat de Amerikanen zo aardig zijn en dat het Amerikaanse leven buiten de grote steden zo dorps rustig en gemoedelijk is. En dat er een incident was. We waren in een groot, helemaal niet leuk hotel vlak bij Disneyland, wat iedereen trouwens best mag overslaan want wie gaat er nu veel betalen om in een overvol park bij 38 graden te zien dat er voor elke attractie een wachttijd van minimaal een uur geldt.
Maar we waren dus in dat hotel dat een zwembad had. Saartje, mijn dertienjarige dochter leerde mij op het einde van de dag, toen er bijna niemand meer in het zwembad aanwezig was en het al een beetje donker begon te worden, hoe ik in het water achterover moest duikelen zonder om te slaan. Maar ik vond na een kwartiertje dat ik dat eigenlijk niet hoefde te kunnen. Zij buitelde nog dolgelukkig door en ik keek vanuit het water wat rond want je weet maar nooit. Straks was er wat te zien en had ik het gemist. Zag ik daar een heel leuke man aankomen. O. Het was mijn eigen man bij nader inzien.
Twee vrouwen die tot dat moment geheel gekleed en bewegingloos onder een parasol (en waarom onder een parasol meneer de rechter? De zon was al een uur onder en het schemerde reeds) voor zich uit hadden zitten staren, zagen hem ook. De dames, met de veertig in zicht, maar misschien ook pas 32, en type dolfijn, strekten als op bevel hun rug en hun onderkin en wierpen klittenbandachtige blikken naar de tot dan toe geheel geklede meneer, mijn man. Omdat Saar vond dat ik het toch nog es moest proberen, ben ik toen even gedesoriënteerd geraakt; onder water gebuiteld en weer boven water terug, maar geheel blind door stroken nat hoofdhaar in oogkassen. En toen moet het gebeurd zijn.
Man Peter was inmiddels ook in het water.

Zag ik opeens een van de dames van onder de parasol met een baliemedewerker van het hotel langs het water lopen. De baliemedewerker zakte door zijn knieën en wenkte ons. De dame verdween in de schemer. Iets van onheil naderde. Wij zwommen naar hem toe. Zacht en een beetje hees begon hij haperloos een monoloog. Dat het namelijk zo was dat er een klacht was ingediend bij de balie, dat het namelijk zo was dat er kennelijk iemand was geweest, die, zeer waarschijnlijk per ongeluk, zijn onderbroek voor een zwembroek had verwisseld achter een ligstoel - staande - en dat dat had moeten gebeuren in de daarvoor bedoelde kleedruimte. Wij lachten vrolijk. Het had immers allemaal zoveel erger gekund wat hij ons kwam meedelen. En oprechte excuses natuurlijk, en dom, en nog maar net en voor het eerst in Amerika. De baliemedewerker lachte ook. Dat was dus opgelost. Hij stond op.
Toen doken uit de schemer ineens de twee dolfijnen op, met vier kleine kindjes. Er werd op de kindjes gewezen. Zij hadden het ook gezien. De kindjes knikten en bibberden professioneel met hun kinnetjes en knietjes. En dat het een grote schande was en dat ze het er niet bij zouden laten zitten, want obsceen gedrag kon niet getolereerd worden en daarvoor waren ze niet op vakantie gegaan. Wij zwommen stilletjes en hoopten maar dat ze snel weg zouden gaan, maar dat duurde toch nog wel een kwartier. Toen konden we eindelijk het water uit en haastten we ons uit het donkere, uitgestorven zwembad.

Op onze kamer deed Peter voor hoe hij van broek gewisseld had. Niets van enig piemelgebeuren te zien, mede door lang overhemd. De telefoon ging. Het hotelmanagement. Dat ze de klacht hadden ontvangen, maar dat er voorlopig geen rede tot paniek was. Dat zij in ieder geval nog wel hoop hadden dat het met een sisser kon gaan aflopen en dat we maar rustig moesten gaan slapen. Dat hebben we niet gedaan.
De volgende ochtend ging de telefoon weer. Dat alles opgelost was, dat we ons nergens zorgen over hoefden te maken. En wanneer waren we van plan uit te checken? Voor de rest van de vakantie werd Peter door ons geen Peter meer genoemd, maar Pete The Pervert. Voor straf.